scriptie nakijkservice: Zes veelgemaakte grammaticafouten

Zes veelgemaakte grammaticafouten

Moet jij binnenkort je scriptie inleveren? Dan wil je ongetwijfeld dat deze er zo goed mogelijk uitziet. Veel studenten hebben echter moeite met grammatica, waardoor er wat fouten in kunnen sluipen. Bij een groot deel van de studies wordt hier tegenwoordig extra goed op gelet. Daarom kun jij vast en zeker wel wat hulp gebruiken. In onderstaande tekst volgen zes veelgemaakte grammaticafouten volgens de scriptie nakijkservice.schrijftips

1. D’s, t’s en dt’s
Menig student heeft moeite met d’s, t’s en dt’s. Wanneer gebruik je nu een d, t, of dt aan het einde van een werkwoord? Om hierachter te komen kun je het werkwoord vervangen door een vorm van lopen. Hoor je een ‘t? Schrijf deze dan ook.

2. Wat en dat
Wat en dat zijn twee verwijswoorden die nogal eens door elkaar gehaald worden. Dat schrijf je altijd na een zelfstandig naamwoord. Wat schrijf je alleen na een onbepaald woord, zoals enige, alles of niets.

3. Als en dan
De woorden ‘als’ en ‘dan’ kunnen voor verwarring zorgen. ‘Als’ gebruik je enkel en alleen bij een vergelijking, zoals: hij is even groot als ik. ‘Dan’ gebruik je wanneer iets groter of kleiner, minder of meer et cetera is. Hij is groter dan ik of hij heeft er minder verstand van dan ik.

4. Spreektaal
Een groot deel van de Nederlanders verwart spreektaal met schrijftaal. Dit komt bijvoorbeeld vaak terug bij het woord ‘hun’. Dit wordt in spreektaal vaak gebruikt, maar is niet correct. Schrijf het dan ook niet zo op. Hun is namelijk een bezittelijk voornaamwoord en geen persoonsvorm. Gaat het om een onderwerp? Gebruik dan ‘zij’ in plaats van ‘hun’.

5. Samentrekkingen
Sommige woorden kun je zowel los als aan elkaar schrijven. Voorbeelden hiervan zijn: teveel of te veel en tekort of te kort. Indien het woordje ‘te’ meer dan betekent, schrijf je de woorden los van elkaar. Is het een zelfstandig naamwoord? Schrijf ze dan altijd aan elkaar.

6. Te(n) alle(n) tijde
Dit is mogelijk de fout die het vaakst gemaakt wordt in een scriptie. Veel mensen schrijven ten alle tijde, maar dit is niet juist. De juiste schrijfwijze is namelijk te allen tijde. Dit is voortgekomen uit gebruik van de oude naamvalsvorm.